Afrikaanse wasprint

stof-afrikaanse-wasprint

Heb je ook de Great British Sewing Bee gekeken, eerder deze zomer? Dan heb je misschien ook de aflevering over Afrikaanse wasprint (African wax print) gezien. En dan weet je misschien ook al dat Afrikaanse wasprint helemaal niet Afrikaans is, maar uit Europa komt, en vaak zelfs uit Nederland.

Afrikaanse wasprint is een katoenen stof die op een speciale manier bedrukt is: met behulp van was. De was wordt op de stof aangebracht om te zorgen dat op die plek geen verf wordt opgenomen. Een vergelijkbare methode wordt ook gebruikt bij batik, een heel oude techniek waarbij handmatig ingewikkelde patronen met was op de stof werden aangebracht om prachtige stoffen te maken. Europeanen zagen dit proces in Indonesië en zagen hun kans schoon om het om te zetten in massa-productie.

Door het wasprint-proces te industrialiseren konden goedkoop stoffen geproduceerd worden. Nederlandse stoffen werden verscheept naar Indonesië maar vielen daar niet in de smaak, omdat de goedkope productie er toch ook wel aan af te zien was. Maar de vaarroute naar Indonesië voer langs Afrika, en daar bleek men wel geïnteresseerd in deze nieuwe stoffen. De prints werden aangepast op de voorkeuren van de Afrikaanse markt, en tegenwoordig herkennen we Afrikaanse wasprint stoffen vooral aan hun kleurrijke verschijning, vaak met grote prints. Een andere eigenschap van Afrikaanse wasprint is het feit dat de voorkant en de achterkant van de stof vrijwel niet te onderscheiden zijn: aangezien de verf helemaal in de stof trekt, behalve op de plekken waar was is aangebracht, is de print op beide zijden even helder.

  • Stof: Afrikaanse wasprint (katoen)
  • Eigenschappen: zelfde als katoen.
  • Gebruik: jurken, rokken, voornamelijk kledingstukken waar de grote print tot z’n recht komt.
  • Naald: standaard 70 of 80 (afhankelijk van de stof)

 

Ripstop nylon

stof-RipstopNylonRipstop nylon is een lichte maar sterke stof. De term ripstop slaat op de weeftechniek waarbij elke paar millimeter een dikkere draad meegeweven wordt, wat ervoor zorgt dat de stof minder snel scheurt. Dit geeft een zichtbaar raster van horizontale en verticale draden in de stof; heel behulpzaam voor het vinden van de draadrichting! Nylon (polyamide) is de de grondstof; ripstop kan ook met een andere grondstof worden gemaakt, bijvoorbeeld ripstop polyester.

Ripstop nylon is winddicht maar van zichzelf niet waterafstotend. Om ripstop nylon waterafstotend te maken, kan een coating worden toegevoegd, bijvoorbeeld een siliconencoating of een coating van polyurethaan. Klinkt dit alsof ik er verstand van heb? Ik heb een beetje onderzoek gedaan, hier kun je bijvoorbeeld lezen over de voor- en nadelen van de verschillende soorten coating. Ik deed ook een beetje onderzoek naar webshops die zulk soort stoffen verkopen; uiteindelijk kwam ik uit bij een campingwinkel waar tentstof aan de meter wordt gekocht, en bestelde ik marineblauwe ripstop nylon met een polyurethaan (PU) coating.

Wanneer je naait met waterafstotend materiaal, en je wilt een echt waterdicht eindproduct, dan zul je ook iets moeten doen om de naden waterdicht te maken. Dat kan met een speciale tape die je over de naden plakt aan de binnenkant, of met een soort lijm die je aan de binnenkant over de naad smeert. Behulpzame informatie vond ik hier, en ik koos voor McNett SeamGrip, dat ik vond bij outdoor sportwinkel Bever. Overigens hangt het product dat je gebruikt om naden waterdicht te maken af van het soort coating op de stof (siliconen of polyuretheen).

Voor het naaien van ripstop nylon heb je geen speciale apparatuur nodig; mijn Pfaff deed het prima. Wel is het belangrijk om een scherpe en dunne naald te gebruiken (bijvoorbeeld Microtex 60). De stof kan soms rond de naad gaan trekken en een beetje rimpelen; dit is (soms) te verhelpen door een scherpere of dunnere naald, of door de draadspanning lager te zetten. De rimpeltjes worden namelijk veroorzaakt doordat de stof een beetje naar beneden wordt getrokken met de beweging van de naald, en dat minimaliseer je met een scherpe, dunne naald. Ook helpt het om de stof goed strak te houden terwijl het onder de machine door gaat.

Tenslotte is het goed om van te voren na te denken over de afwerking van de naden. Strijken had bij mij weinig zin (de ripstop nylon wou gewoon niet plat liggen), dus ik koos voor platte naden (flat felled seams), waarbij de naadwaarde omgevouwen en platgestikt aan de buitenkant te zien is.

  • Stof: ripstop nylon
  • Eigenschappen: winddicht, sterk en lichtgewicht, scheurt en rafelt niet of nauwelijks, met coating is het waterafstotend
  • Gebruik: tenten, jassen, parachutes, vliegers
  • Naald: Microtex, dikte 60 of 70

 

Joggingstof

Stoffige Blog - Joggingstof

Joggingstof, what’s in a name? Het is een stof voor joggingbroeken, van die dikke grijze broeken met een touwtje in de taille. Al is joggingstof natuurlijk niet altijd grijs, en kun je er ook prima iets anders mee maken.

Stoffige Blog - Joggingstof

Joggingstof, achterzijde

Joggingstof is een gebreide stof, net als tricot, maar dan van zwaardere kwaliteit. Als je goed kijkt zie je aan de goede kant duidelijk de v-structuur die je ook in tricot ziet. De achterkant van joggingstof is geborsteld (zoals bij flanel), waardoor een heerlijk warm en zacht laagje ontstaat. Het is dus heerlijk warm en comfortabel om te dragen. Het enige nadeel wat mij betreft? De associatie met grijze joggingbroeken. Want waarom zou je er niet een lekker warm jurkje mee kunnen maken? Of een sportief vest? Of een mooie trui?

  • Stof: joggingstof
  • Eigenschappen: warm en zacht, met een beetje stretch
  • Gebruik: voor joggingbroeken maar ook truien, vesten…
  • Naald: ballpointnaald (jerseynaald), dikte 80.

 

Flanel

Stoffige Blog - flanel

Even voor de goede orde: flanel hoeft niet perse altijd ruitjes te hebben. Al is dat vast het eerste waar je aan denkt: geruite pyjama’s en geruite houthakkersoverhemden. De flanel die ik bestelde (hier, maar ik kreeg het laatste stukje van deze kleur) is effen chilipeperrood, volgens de beschrijving.

Flanel kennen we vooral als een zacht en knus stofje om lekker warm mee te blijven. Dat klopt, kan ik inmiddels bevestigen! Kenmerkend aan flanel is dat het kleine opstaande haartjes heeft (een pool), meestal aan één of twee kanten geruwd (zie foto). De stof wordt dan geborsteld met een ruige borstel, waarna het oppervlak heel zacht aanvoelt. De opstaande haartjes vormen bovendien een mooi isolerend laagje zodat jij lekker warm blijft.

Stoffige Blog - flanel binnenkant

Verder kan flanel in vele soorten en maten voorkomen: het kan bijvoorbeeld gemaakt zijn van wol, katoen of iets synthetisch. Het komt in uiteenlopende diktes. Vaak is het geweven met een keperbinding, maar dat hoeft niet. Een vaak heeft het ruitjes, maar dat hoeft dus ook helemaal niet.

  • Stof: flanel
  • Gebruik: pyjama’s (dunne flanel), bloesjes (dikkere flanel)
  • Eigenschappen: warm en zacht
  • Naald: standaard, dikte afhankelijk van de stof.

Acryl

Stoffige Blog - Acryl

Toen ik in de winkel (A. Boeken in Amsterdam) vroeg wat voor stof ik precies in handen had, knipte de verkoopster een reepje af, pakte een aansteker en hield er een vlammetje bij. Ze keek even naar de vlam en daarna de smeltende zwarte massa en zei: acryl.

Acryl is een synthetische stof die vaak gebruikt wordt als alternatief voor wol. Acryl is overigens niet hetzelfde als (het ook synthetische) polyester, hoewel ze beide gemaakt worden uit aardolie. Het productieproces is anders, en dus heeft acryl ook net andere eigenschappen dan polyester. Acryl kreukt niet en rekt niet uit (net als polyester). Acryl neemt weinig water op, maar als het vochtig is droogt het ook weer snel op. Dat laatste zorgt ervoor dat de stof wel redelijk goed ademt (in tegenstelling tot polyester): transpiratie wordt weliswaar niet heel vlug opgenomen in de stof, maar verdampt wel goed. Een nadeel van acryl is dat het nog wel eens wil gaan pillen, waarbij de stof erg gaat pluizen. Dat is bij mijn stof nog niet gebeurd.

De stof die ik kocht is heel duidelijk bedoeld als alternatief voor wol. Het heeft al bijna het voorkomen van een dikke wollen trui: grof gebreid met duidelijk zichtbare steken. Dat maakt de stof perfect voor een warm winters vest of trui…

  • Stof: acryl
  • Eigenschappen: kreukt niet, rekt niet uit. Ademt redelijk.
  • Gebruik: meestal als vervanger voor wol
  • Naald: afhankelijk van de dikte & structuur.

Jacquard

Stoffige Blog - jacquard

Jacquard is een weeftechniek waarmee ingewikkelde patronen in de stof geweven kunnen worden. En dat is gaaf, want zo’n ingeweven patroon is veel kleurvaster dan een patroon dat er op geprint is. Bovendien is bij mijn stofje de achterkant van de stof ook nog eens heel mooi: de achterkant van deze stof is precies het negatief van de voorkant.

Stoffige Blog - jacquard

Het weven van een patroon in de stof gebeurt al heel lang (denk aan bijvoorbeeld damast of brokaat), maar was altijd heel arbeidsintensief. Op deze blog lees je er meer over; voor een ingewikkeld patroon was in elk geval een zeer vaardige wever nodig, én een assistent die vanaf een afstand het geheel in de gaten hield om te zien of het patroon juist op de stof kwam. Dat werd allemaal veel simpeler met de uitvinding van Joseph Marie Jacquard: een weefgetouw waar je een patroon in de stof kon ‘inprogrammeren’ met behulp van ponskaarten. Klinkt dat als een voorloper van een computer? Dat klopt! Charles Babbage werd naar verluid door dit weefgetouw geïnspireerd tot de uitvinding van een mechanische computer.

Jacquard is dus een weeftechniek, waarmee het mogelijk werd om allerlei soorten stoffen zoals brokaat en damast eenvoudiger te produceren. Toch noemen we stoffen soms ook jacquard – dat zijn dan de stoffen die op een jacquard-weefgetouw gemaakt zijn.

 

Vlieseline

Stoffige Blog - VlieselineEigenlijk is de titel van deze post onjuist: Vlieseline is een merknaam, terwijl ik het hier wil hebben over versteviging (of tussenvoering) in het algemeen. Toch gebruiken we vaak de term Vlieseline om uiteenlopende (strijk)versteviging aan te duiden. En hoe zit dat nu eigenlijk met alle mogelijke soorten verstevigingen: opstrijkbaar of niet, synthetisch of niet, geweven, non-woven of gebreid, wat moet je nu eigenlijk wanneer gebruiken?

Waarom verstevigen? Het verstevigen van een kledingstuk doet precies wat de naam doet vermoeden: het zorgt voor extra versteviging. Dat gebruik je bijvoorbeeld om te zorgen dat de stof beter een bepaalde vorm vasthoudt (bijvoorbeeld een kraagje of manchet) en om te zorgen dat die niet uitrekt.

Wat voor verstevigingen zijn er? Lang heb ik gedacht dat versteviging altijd de volgende eigenschappen had: (1) het is wit (2) het is zeer syntetisch (3) het is niet geweven of gebreid, maar ‘non-woven’. Later kwam ik er achter dat er ook zwarte versteviging bestaat, dat het helemaal niet synthetisch hoeft te zijn en dat zowel geweven als gebreide versteviging (met stretch!) ook bestaan. Mijn voorkeur gaat inmiddels uit naar geweven of gebreide opstrijk-versteviging, omdat dat veel natuurlijker aanvoelt (minder stijf) dan non-woven.

Wanneer welke versteviging gebruiken? Zou het niet handig zijn als er op een patroon naast een stofadvies ook aangegeven staat welke versteviging je moet gebruiken? Dat kan helaas niet, want het verschilt erg per stof welke versteviging geschikt is. Vooral de dikte van de versteviging is een kwestie van aanvoelen: het hangt er maar net vanaf hoeveel stevigheid je wilt. Doorgaans gebruik je voor dunne stof ook een dunne versteviging, en voor dikkere stof een dikkere versteviging. En verder:

  • opstrijk-versteviging of innaai-versteviging? Opstrijk-versteviging is gewoon wel zo handig: nadat je het op een patroondeel hebt gestreken hoef je er verder niet naar om te kijken. Innaai-versteviging gebruik je vooral wanneer je stof niet geschikt is voor opstrijk-versteviging, of wanneer je graag ouderwetse technieken gebruikt. Zulke versteviging zet je vast met stiksel, bijvoorbeeld in de naad of handmatig met heel kleine steekjes over het hele oppervlak.
  • synthetisch of niet-synthetisch? Wanneer je synthetische versteviging gebruikt voor grote delen van een kledingstuk, dan kan dat soms zweterig aanvoelen. Maar voor een kraagje of manchetten is synthetische versteviging prima.
  • geweven, gebreid of non-woven? Wanneer je een stretch-stof wilt verstevigen kun je het beste stretch-versteviging (gebreid) gebruiken. Let dan op dat de versteviging in de juiste richting (dezelfde als je kledingstuk) stretcht. Geweven of non-woven zijn beide geschikt voor het verstevigen van niet-stretch stoffen, geweven versteviging is vaak iets sterker. In mijn ervaring valt geweven versteviging iets natuurlijker.
  • wit of zwart? Als de stof doorzichtig is, moet je daar eigenlijk noch wit noch zwart achter gebruiken: allebei zullen te zien zijn. Voor een niet-doorzichtige stof, waarbij de versteviging eigenlijk niet te zien zou moeten zijn, is het toch handig om een niet al te contrasterende kleur te gebruiken (dus geen witte versteviging bij zwarte stof): soms wil er nog wel eens wat van de versteviging tevoorschijn piepen bij een knoopsgat…

Een willekeurige verzameling tips voor het gebruik van (opstrijkbare) versteviging: 

  • Geweven en gebreide versteviging: let bij het knippen op de draadrichting. Bij non-woven is dit niet nodig.
  • Niet-synthetische versteviging (bijvoorbeeld plakkatoen) kan krimpen (heb ik al eens ontdekt…), dus dat moet je altijd even wassen van te voren. Even weken in koud water (anders smelt de lijm) en te drogen hangen. Als je synthetische versteviging gebruikt is voorwassen niet nodig.
  • Gebruik geen stoom bij het strijken.
  • Pas op met een te heet strijkijzer! Synthetische versteviging kan smelten (heb ik al eens ontdekt…)
  • Beweeg het strijkijzer niet over de stof/versteviging (die kan daardoor vervormen), maar laat het strijkijzer rusten op de stof/versteviging gedurende een paar seconden, til op en verplaats daarna naar een volgende stukje.
  • Vaak is ongeveer 8 seconden het strijkijzer laten rusten op de stof/versteviging voldoende.
  • Gebruik een strijkdoek of een lapje dun katoen tussen het strijkijzer en de plakversteviging om je strijkijzer te beschermen.
  • Laat de stof even afkoelen na het strijken, zodat de lijm kan drogen!